CO₂-Prestatieladder buiten de bouw: IT, zorg, logistiek en industrie
Laatst bijgewerkt: 11 augustus 2026 · Palau
De CO₂-Prestatieladder is niet aan de bouw gebonden. Handboek 4.0 stelt dezelfde eisen aan een ICT-dienstverlener, een zorginstelling, een transporteur en een fabrikant als aan een aannemer. SKAO's openbare register telde op 11 augustus 2026 31 branches, waarvan 25 buiten de bouw.
Wat wél bouwgericht is, is alles om het handboek heen: de verplichte emissiefactoren, de gepubliceerde voorbeelden en de aanbestedingen waarin het gunningvoordeel wordt uitgedeeld. Deze pagina gaat over dat verschil, en over wat u per sector zelf moet invullen.
Geldt de Ladder ook buiten de bouw en voor dienstverleners?
Ja. De duidelijkste formulering staat in de Handreiking Aanbesteden 3.1, paragraaf 1.2 op pagina 8: "De Ladder kan in alle productcategorieën gebruikt worden om te sturen op CO2, klimaat, milieu, energie en circulariteit." Dezelfde paragraaf noemt de sectoren waar dat al gebeurt: "Steeds vaker wordt de Ladder toegepast in productgroepen waar de CO2-impact relatief groot is, denk hierbij aan o.a. Grond-, Weg- en Waterbouw (GWW), ICT, facilitaire dienstverlening, groenvoorziening, afvalsector en ook aan sectoren als de zorgsector."
Let op de versie. Die twee zinnen komen uit de handreiking bij versie 3.1. De Handreiking Aanbesteden 4.0 van september 2025 herhaalt die formulering niet. Wat het nieuwe document wél zegt, op pagina 38: "Projecten kunnen werken, diensten of leveringen zijn."
De eisen zelf sluiten niemand uit. Handboek 4.0, trede 1 vraagt om een energiebalans, een emissie-inventaris, reductiedoelen, communicatie en een managementsysteem. Geen van die eisen veronderstelt een bouwplaats.
Waar het voor dienstverleners wel anders loopt, is de afbakening van een project. De Handreiking 4.0 trekt die grens op sector, niet op contractvorm.
| Soort opdracht | Welke levensfases tellen mee in een CO₂-Prestatieladderproject |
|---|---|
| Werken en diensten in de bouwsector | "alle activiteiten in fase A4 en A5" volgens EN 15804 |
| Andere diensten en leveringen | "alle activiteiten in fase 2 en 3 (PEF) die nodig zijn om de dienst of levering te realiseren" |
Bron: Handreiking Aanbesteden CO₂-Prestatieladder 4.0, september 2025. Een schoonmaakcontract of een adviesopdracht binnen de bouwsector volgt dus EN 15804, niet PEF. De verwarring ontstaat doordat mensen de scheidslijn bij het contracttype leggen in plaats van bij de sector.
Voor de opbouw van de treden zelf verwijzen we naar waarom er nu drie treden zijn in plaats van vijf niveaus. Dat onderscheid geldt in elke sector gelijk.
In welke sectoren wordt de Ladder daadwerkelijk gebruikt?
Het openbare register van certificaathouders laat u filteren op branche. Op 11 augustus 2026 stonden daar 31 branches in. Zes daarvan zijn onderverdelingen van de bouw. De overige 25 zijn dat niet.
| Bouwbranches in het register | Alle overige branches in het register |
|---|---|
| Bouw, Grondwerken | Agrarische sector · Facilitaire dienstverlening · Horeca, catering & verblijfsrecreatie |
| Bouw, Spoorsector | Consultancy · Maatschappelijke organisatie · Cultuur, sport & recreatie |
| Bouw, Woningbouw | Afvalsector · Onderwijs · Energiesector · Ingenieurssector |
| Bouw, Wegenbouw | Financiële dienstverlening · Food · Overheid · Groenvoorziening |
| Bouw, Utiliteit | Zorg · ICT · Industrie · Installatietechniek |
| Bouw, Waterbouw (nat & droog) | Motorvoertuigen & tweewielers · Detailhandel · Semi-overheid · Groothandel · Sociaal werk, jeugdzorg & kinderopvang · Transport & logistiek · Overig |
Bron: het register op co2-prestatieladder.nl, geraadpleegd 11 augustus 2026. Hetzelfde filter kent ook versie (3.1 of 4.0), trede en land.
Over de populatie geven SKAO's eigen pagina's twee getallen die niet gelijk zijn. De Nederlandstalige pagina Wat is de Ladder schrijft "ruim twee derde" mkb, "Variërend van bedrijven in de grond-, weg- en waterbouw en transportsector tot advies- en ingenieursbureaus". De Engelstalige pagina What is the Ladder schrijft "75% of certificate holders are small and medium-sized enterprises (SMEs)", naast "around 8000 organisations" met een certificaat en "Over 300 public procuring authorities". Twee derde en 75 procent zijn niet hetzelfde cijfer. Wij nemen ze allebei op zoals ze er staan.
Waarom voelt het handboek dan toch als een bouwhandboek?
Omdat de infrastructuur om de norm heen bouwgericht is, ook al is de norm dat niet. Dat zit op drie plaatsen.
| Waar het schuurt | Wat er is | Wat dat betekent buiten de bouw |
|---|---|---|
| De verplichte emissiefactoren | De Nederlandse lijst kent zeven rubrieken: brandstoffen voertuigen en schepen, brandstoffen energiecentrales en individuele warmteopwekking, elektriciteit, warmtelevering, personenvervoer, goederenvervoer en koudemiddelen | Voor ingekochte goederen, hardware, cloudcapaciteit, voeding en afvalverwerking staat er geen factor. Wie zijn grootste post daar heeft, moet de methode zelf onderbouwen |
| De gepubliceerde voorbeelden | Het ketenanalyseregister en de praktijkverhalen leunen op asfalt, grondverzet en materieel | Voor zorg, food, onderwijs of financiële dienstverlening bestaat er geen thema in het register om naar te kijken |
| Het gunningvoordeel | De gemeente Amsterdam, een koploper onder de aanbestedende diensten, schrijft: "We passen de Ladder toe bij alle meervoudige, nationale en Europese aanbestedingen van Werken én bij Europese aanbestedingen van Diensten en Leveringen binnen het fysieke domein" | Reguliere ICT, catering, schoonmaak en vervoer vallen buiten dat beleid, ook bij een opdrachtgever die de Ladder actief gebruikt |
Dat tweede punt is te tellen. Op 11 augustus 2026 stonden er 1.206 gepubliceerde ketenanalyses in het register, verdeeld over thema's die elkaar overlappen en dus niet optellen tot het totaal.
| Thema in het ketenanalyseregister | Aantal gepubliceerde analyses |
|---|---|
| Materiaalgebruik / Scope 3 | 440 |
| Onderaannemers & Leveranciers | 207 |
| Logistiek & Transport | 177 |
| Bouw | 96 |
| Vermeden emissies bij derden | 84 |
| Bedrijfsprocessen | 78 |
| Adviesdiensten (inspectie, ontwerp en advies) | 76 |
| Groenonderhoud | 69 |
| Aanbesteden | 36 |
| Organisatiebeleid algemeen | 30 |
| ICT-diensten | 24 |
| Kantoren | 22 |
Bron: het ketenanalyseregister, geraadpleegd 11 augustus 2026. Voor transport valt er dus best wat te lezen. Voor ICT staan er 24 analyses, voor de zorg bestaat er geen eigen thema.
Praktisch gevolg: buiten de bouw is er geen sjabloon. Een duurzaamheidsverantwoordelijke verwoordde het zo: "We maken nu ons eigen format. Maar ik weet niet zeker of dat is wat de auditor verwacht." Buiten GWW is dat de normale situatie. Omdat er pas sinds 14 juli 2025 tegen versie 4.0 gecertificeerd kan worden, zijn er nog nauwelijks referentie-implementaties om van af te kijken.
Wat betekent de Ladder voor een ICT-dienstverlener?
Uw scope 1 is klein: meestal het leasewagenpark en misschien een noodaggregaat. Uw scope 2 is elektriciteit, en daar zit een vraag die u makkelijk fout beantwoordt.
Publieke cloud en SaaS draaien op hardware van iemand anders. Dat verbruik zit in uw scope 3 en komt pas vanaf trede 2 verplicht in beeld. Colocatie werkt anders. Staat uw eigen apparatuur in een gehuurde ruimte en wordt de stroom bemeterd of via een tussenmeter aan u doorbelast, dan is dat uw scope 2. De Scope 2 Guidance van het GHG Protocol stelt in paragraaf 5.2.1: "if a company is a tenant in a leased space or using a leased asset and applies the operational control approach, any energy purchased or acquired from another entity (or the grid) shall be reported in scope 2." Wie beide over één kam scheert, rapporteert een te lage scope 2.
Let daarnaast op groene stroom. De Ladder hanteert een strengere definitie dan de meeste marktafspraken: alleen zon, wind, water en biomassa die in hetzelfde land zijn opgewekt als waar u verbruikt. Een Europees certificaat voor een datacenter over de grens doet op de Ladder niet wat u ervan verwacht.
Hardware is de derde. Laptops, servers en netwerkapparatuur zijn bij een ICT-bedrijf de meest voor de hand liggende kandidaat voor de bovenkant van uw scope 3-rangorde, en juist daarvoor bestaat geen voorgeschreven emissiefactor. U documenteert en verdedigt de methode zelf. Zie de waardeketenanalyse in de praktijk voor hoe u die rangorde opbouwt.
Hoe pakt de Ladder uit in de zorg?
De zorg staat met zoveel woorden in SKAO's eigen opsomming van productgroepen. Technisch is het een van de makkelijkere sectoren: gas voor verwarming, elektriciteit, een eigen wagenpark, noodstroom. Meters die er echt zijn.
Het lastige zit in de toerekening. Op een campus staat één gasmeter en één hoofdaansluiting, terwijl de verantwoordelijkheid bij afdelingen of werkmaatschappijen ligt. In de praktijk wordt dan gesplitst op 33/33/33, op 70/30 of op 40/60, met als grondslag het aantal medewerkers, de vloeroppervlakte, een tussenmeter of een gelijke verdeling. Dat mag, maar u creëert daarmee een getal dat niet één op één terug te voeren is op een factuur. Zoals een praktijkbeoefenaar het stelde: "Als u een audit heeft, hoe houdt u dat dan bij? En dan hebben we een waarde die niet erg traceerbaar is."
Twee werkbare regels. Leg de verdeelsleutel één keer per jaar vast en pas hem niet aan bij wijzigingen onder de 5 procent. En verzamel fijner dan u rapporteert: u kunt fijn verzamelde data optellen naar een grover niveau, terugrekenen kan niet. Meer hierover in organisatorische grenzen bij meerdere entiteiten.
Koudemiddelen verdienen in de zorg apart aandacht. Klimaatinstallaties, OK-koeling en gekoelde opslag zijn de eerste posten die u langs de materialiteitseis voor niet-CO₂-broeikasgassen legt.
Wat is er anders in transport en logistiek?
Hier sluit het instrument het strakst aan op wat u toch al bijhoudt. Van de zeven rubrieken op de verplichte emissiefactorenlijst gaan er drie rechtstreeks over vervoer: brandstoffen voertuigen en schepen, personenvervoer en goederenvervoer. Uw scope 1 is uw tankpas. Het ketenanalyseregister bevat 177 analyses onder het thema Logistiek & Transport, meer dan onder het thema Bouw. SKAO meldt daarnaast dat de Ladder in 2019 als best practice is opgenomen in de Sustainable Freight Procurement Guidelines van WBCSD en het Smart Freight Centre.
De valkuil is uitbesteding. Ritten die charters voor u rijden zijn geen scope 1. Ze zijn scope 3 en komen pas vanaf trede 2 verplicht in beeld, terwijl uw opdrachtgever ze wel al aan u toerekent. Wie op trede 1 blijft, rapporteert een getal dat structureel lager ligt dan wat klanten in hun eigen scope 3 opnemen.
Wat komt een productiebedrijf tegen?
Voor een productiebedrijf valt de organisatorische grens meestal samen met de vestiging, en dat maakt de emissie-inventaris relatief eenvoudig. De meters staan er al en het verbruik is groot genoeg om te zien wat een maatregel oplevert. De reductiemaatregelen zijn technisch van aard, zoals warmteterugwinning en het elektrificeren van proceswarmte.
Compensatiemaatregelen vallen buiten het meetbereik van de Ladder, dus u kunt zich niet omhoog kopen met certificaten. De Ladder vervangt ook geen bestaande verplichting. Hij komt ernaast, en de winst zit erin dat dezelfde dataset uw CSRD-rapportage over ESRS E1 voedt.
Industrie ontbreekt in SKAO's opsomming van productgroepen waarin de Ladder wordt aanbesteed, en ook Amsterdam beperkt zich tot het fysieke domein. Ga daarom eerst na wie er in uw geval om het cijfer vraagt. Staat er geen aanbesteding tegenover, dan is de afnemer die uw kental in zijn eigen scope 3 verwerkt de businesscase die overblijft.
Wat geldt er voor afval, groen en facilitaire dienstverlening?
Deze drie worden bij naam genoemd in de Handreiking Aanbesteden 3.1 en hebben alle drie een eigen branche in het register. Wat de footprint drijft is bij alle drie hetzelfde: dieselverbruik van materieel en van ritten, bij opdrachtgevers die vaak overheden zijn en het instrument dus al kennen. Wat het gunningvoordeel waard is, staat in gunningvoordeel met de CO₂-Prestatieladder.
De afvalsector heeft één ding dat de andere twee niet hebben: methaan. Zie de tabel verderop.
Welke sector bent u als uw groep in meerdere sectoren werkt?
Een groep die in meerdere technische domeinen tegelijk werkt, past niet netjes in één branchecode. Een NACE-code beschrijft niet hoe zo'n bedrijf werkt, en datzelfde geldt voor het branchefilter in het register.
Stuur op activiteit. Een bedrijfsonderdeel kan voor twee verschillende juridische entiteiten werken en blijft dan toch dezelfde activiteit uitvoeren. Wat stabiel blijft is die activiteit. De entiteit waaronder gefactureerd wordt, wisselt. Bouw uw inventaris dus op activiteitniveau en tel daarna op naar welke indeling de rapportage ook vraagt.
Twee waarschuwingen daarbij. De activiteitenindeling die u heeft geërfd is vaak bedacht door iemand die het bedrijf inmiddels verlaten heeft, en niemand is er nu eigenaar van. "Overhead" is geen activiteit. En één gemiddelde over alle activiteiten overdrijft de emissie-intensiteit van uw schoonste werk, wat geld kost zodra een klant uw kental in zijn eigen scope 3 verwerkt.
Kan een bedrijf zonder aanbestede projecten zich certificeren?
Ja, en op dit punt wordt vaak een verkeerde conclusie getrokken.
Een CO₂-Prestatieladderproject is in handboek 4.0 gedefinieerd als "een aanbesteed project waarbij bij de inschrijving de CO₂-Prestatieladder een rol speelt en/of waarbij de opdrachtgever een voordeel verleent". Heeft u die niet, dan hoeft u geen projectfootprint en geen projectcommunicatieplan op te stellen.
Wat níet vervalt, is uw gewone werk. Paragraaf 4.3 van hetzelfde handboek stelt: "Alle projecten moeten altijd onderdeel zijn van het energie- en CO2-managementsysteem van de organisatie." Alleen de aanvullende documentatie voor CO₂-Prestatieladderprojecten is voorwaardelijk.
Waar zijn methaan, lachgas en koudemiddelen materieel?
Versie 4.0 voegde een expliciete materialiteitseis toe voor broeikasgassen naast CO₂. In de handboeken staat die als eis 1.A.2, 2.A.2 en 3.A.2, met als omschrijving "Inschatten of niet-CO2-broeikasgassen materieel zijn voor de scope 1- en scope 2-emissies" en als minimumfrequentie "Voorafgaand aan iedere initiële audit en driejaarlijks".
SKAO liet in maart 2022 onderzoeken waar dat speelt. Tabel 10 van dat onderzoek geeft geen algemene rangorde, maar een oordeel per gas. Dat onderscheid is de reden dat het onderzoek bestaat, dus geven wij het onverkort weer.
| Branche volgens het onderzoek | Methaan (CH₄) | Lachgas (N₂O) |
|---|---|---|
| Bouw, Grondwerken | Groot | Groot |
| Bouw, Waterbouw nat & droog | Groot | Groot |
| Overheden, Waterschappen | Groot | Groot |
| Afvalsector | Groot | Klein |
| Bouw, Wegenbouw | Middel | Middel |
| Groenvoorziening | Middel | Klein |
| Bouw, Utiliteitsbouw en Installatietechniek | Klein | Klein |
| Overige overheden | Klein | Klein |
Bron: SKAO, Impact overige broeikasgassen, 31 maart 2022, Tabel 10. Voor gefluoreerde gassen (HFK's, PFK's, SF₆) maakt het onderzoek geen brancheonderscheid; die staan als relevant voor alle sectoren.
Twee dingen om bij deze tabel te weten. Het onderzoek hanteert een eigen brancheindeling die niet gelijk is aan het branchefilter van het register: "Overheden, Waterschappen" bestaat wel in het onderzoek en niet in het register, en het register schrijft "Bouw, Utiliteit" en "Installatietechniek" als aparte branches. En materialiteit blijft onder 4.0 een inschatting die u zelf per organisatie maakt. SKAO geeft u geen sectoroordeel dat u kunt overnemen.
De bronnen die het onderzoek noemt zijn methaan en lachgas uit grondverzet, bagger en veen, uit stortplaatsen, uit rioolwaterzuivering en uit landbouwbronnen, plus gefluoreerde gassen uit lekkage van koel- en klimaatinstallaties. Voor ICT, zorg, facilitair en industrie is koudemiddellekkage de post die u in elk geval beoordeelt.
Hoe begint u, per sector
| Sector | Grootste post scope 1 en 2 | Eerste echte obstakel | Waar het handboek u niet helpt |
|---|---|---|---|
| ICT | Elektriciteit kantoor, leasewagens | Publieke cloud is scope 3, colocatie met eigen bemetering is scope 2 | Geen emissiefactor voor hardware of cloud |
| Zorg | Aardgas, elektriciteit, noodstroom | Eén meter, meerdere organisatieonderdelen | Geen sjabloon voor toerekening op een campus |
| Transport en logistiek | Brandstof eigen vloot | Uitbestede ritten zitten niet in scope 1 | Charterdata moet u zelf ophalen |
| Industrie | Proceswarmte en elektriciteit | Grens vestiging versus juridische entiteit | Geen productgroep waarin de Ladder standaard wordt aanbesteed |
| Afval en groen | Brandstof materieel | Methaan is hier de eerste kandidaat bij uw materialiteitsinschatting | Geen ketenanalysethema per afvalstroom |
Wat de certificering kost, staat los van uw sector en hangt aan omzet en organisatiegrootte. Zie wat kost de CO₂-Prestatieladder in 2026.
Eén opmerking over mensen, want die geldt in elke sector. Collega's die niet reageren op uw datavragen zijn zelden ongeïnteresseerd. Ze schamen zich omdat ze het antwoord niet hebben, en een vakgebied vol afkortingen maakt dat erger. Maak eerst één datapunt van begin tot eind af, en houd uitleg kort.
Hoe Palau hiermee omgaat
Palau legt uw inventaris vast op activiteitniveau in Reef, de datalaag, en laat de module Organisational structure de optelling doen naar vestiging, juridische entiteit of certificaathouder. Daardoor kunt u fijn verzamelen en grof rapporteren zonder de verdeelsleutel per rapportage opnieuw uit te vinden. Onderbouwing en verdeelsleutels blijven in Vault gekoppeld aan het datapunt zelf, zodat een toerekening die u zelf heeft gemaakt tijdens de audit terug te voeren is op een bron. Wij ondersteunen de CO₂-Prestatieladder, CSRD en VSME op dezelfde dataset.
Wilt u dit op uw eigen cijfers zien? Vraag een pilot aan.
Veelgestelde vragen
Geldt de CO₂-Prestatieladder ook buiten de bouw? Ja. De Handreiking Aanbesteden 3.1 stelt dat de Ladder in alle productcategorieën gebruikt kan worden. De eisen in handboek 4.0 gaan over een energiebalans, een emissie-inventaris, reductiedoelen, communicatie en een managementsysteem, en geen daarvan veronderstelt een bouwplaats. Het openbare register kende op 11 augustus 2026 31 branches, waarvan 25 buiten de bouw.
In welke sectoren wordt de CO₂-Prestatieladder daadwerkelijk toegepast? SKAO noemt in de Handreiking Aanbesteden 3.1 expliciet grond-, weg- en waterbouw, ICT, facilitaire dienstverlening, groenvoorziening, de afvalsector en de zorgsector. Het register kent daarnaast onder meer industrie, energiesector, onderwijs, food, detailhandel, groothandel, overheid en transport en logistiek.
Kan een dienstverlener zonder aanbestede projecten zich certificeren op de CO₂-Prestatieladder? Ja. Zonder CO₂-Prestatieladderprojecten hoeft u geen projectfootprint en geen projectcommunicatieplan op te stellen. Uw gewone opdrachten blijven wel onderdeel van uw energie- en CO₂-managementsysteem, want paragraaf 4.3 van handboek 4.0 stelt dat alle projecten daar altijd onderdeel van moeten zijn.
Waarom is de CO₂-Prestatieladder lastiger voor ICT-bedrijven? Omdat de grootste posten vaak buiten scope 1 en 2 vallen en er geen voorgeschreven emissiefactoren voor bestaan. Publieke cloud en SaaS zitten in scope 3. Bij colocatie hangt het af van uw contract: krijgt u een bemeterde of doorbelaste afrekening voor uw eigen apparatuur, dan is die stroom scope 2. De Ladder rekent daarnaast alleen zon, wind, water en biomassa uit hetzelfde land als groene stroom.
Welke sectoren hebben materiële niet-CO₂-broeikasgassen onder versie 4.0? SKAO-onderzoek van maart 2022 beoordeelt dit per gas. Voor methaan is de impact groot bij grondwerken, waterbouw, waterschappen en de afvalsector, en middel bij wegenbouw en groenvoorziening. Voor lachgas is de impact groot bij grondwerken, waterbouw en waterschappen, en middel bij wegenbouw. Gefluoreerde gassen gelden voor alle sectoren. De eis zelf is 1.A.2, 2.A.2 en 3.A.2 en vraagt een inschatting voorafgaand aan iedere initiële audit en verder driejaarlijks.
Levert een CO₂-Prestatieladdercertificaat buiten de bouw ook gunningvoordeel op? Alleen als de aanbestedende dienst het criterium daadwerkelijk opneemt. De Handreiking Aanbesteden 4.0 stelt dat projecten werken, diensten of leveringen kunnen zijn. In de praktijk blijft de toepassing vooral binnen het fysieke domein. De gemeente Amsterdam past de Ladder toe bij alle meervoudige, nationale en Europese aanbestedingen van werken en bij Europese aanbestedingen van diensten en leveringen binnen het fysieke domein.
Bronnen
- CO₂-Prestatieladder, register van certificaathouders
- CO₂-Prestatieladder, ketenanalyseregister
- CO₂-Prestatieladder, Wat is de Ladder
- CO₂ Performance Ladder, What is the Ladder (Engelstalig)
- CO₂-Prestatieladder, Handreiking Aanbesteden 3.1 (PDF)
- CO₂-Prestatieladder, Handreiking Aanbesteden 4.0, september 2025 (PDF)
- CO₂-Prestatieladder versie 4.0, Trede 1 (PDF)
- CO₂-Prestatieladder, Zo zet de gemeente Amsterdam de Ladder in bij aanbestedingen
- SKAO, Impact overige broeikasgassen, maart 2022 (PDF)
- CO₂-Prestatieladder, internationaal benoemd als best practice voor de transport- en logistieksector
- CO₂-emissiefactoren, lijst emissiefactoren
- GHG Protocol, Scope 2 Guidance (PDF)
- Exergie, GHG Protocol en de CO₂-Prestatieladder